STUKJE: EGODOCUMENT

Geplaatst op 9 augustus 2019

Het is 3 augustus 1759 als François Fagel, een welgestelde regent, van Den Haag naar Antwerpen reist. Fagel is op dat moment negentien jaar oud – de perfecte leeftijd voor een zogenoemde Grand Tour, de studiereis die jongens uit gegoede families in die tijd afleggen. De tocht naar Antwerpen, in een ‘mauvais yacht’ is het begin van een onderneming die maar liefst twee jaar duurt: Fagel doet verschillende landen aan, zoals Frankrijk, Zwitserland, en het hoogtepunt van iedere ‘Groote Tour’, Italië.

Voor mijn masterscriptie buig ik me over het reisdagboek dat Fagel heeft bijgehouden: waarbenjij.nu avant la lettre. De beschrijvingen van de reis zijn vooral erg keurig, afstandelijk. Op de irritaties over insecten en slechte wegen na heb ik, zelfs na 200 pagina’s Fagel, geen idee van de mens achter de brave notities over kathedralen, adellijke families en opera’s. Tot mijn spijt zelfs  geen woord over de beruchte Venetiaanse travestieten, die erom bekend stonden flink misbruik te maken van jongens zoals hij.

Hoe anders zijn mijn eigen egodocumenten. In de krochten van mijn Hotmail-account vond ik de emails die ik in 2011 stuurde vanuit Krefeld, Duitsland, waar ik op dat moment meedeed aan een uitwisseling. Ik was vijftien, maar niet op de manier zoals de andere meiden dat waren: waar zij hun vrouwelijkheid al flink uitbuitten, wist ik niet zo goed wat ik ermee moest. Mijn veranderende lichaam verborg ik in longsleeves en degelijke, witte t-shirtbh’s. In de emails die ik tijdens de uitwisseling stuurde aan het thuisfront lees ik, tussen de regels door, vooral mijn ongemak:

‘Mijn uitwisselingsstudente had me opgemaakt, en ik leek op een Barbie. Maar iedereen zei dat het mooi was, een iemand zei ook dat het beter was dan eerst ofzo.’

Of, toen mijn uitwisselingsstudente besloot me mee te nemen naar haar scharrel:

‘Ze wilde toen een vriend van haar bezoeken. In Duitsland zijn vrienden heel close met elkaar, ze lopen constant te knuffelen en stoeien etc. Dat waren die twee ook aan het doen, dus ik voelde me een beetje buitengesloten’

Reizen is voor een groot deel de schijn ophouden: het liefst wilde ik natuurlijk gewoon naar huis, maar dat uitspreken, ho maar. Het zijn de gesmoorde kreetjes om hulp die mijn reisverslag van toen nu zo pijnlijk maken. Fagel is beheerster dan ik – hij wist beter. Zo’n verontrustend reisverslag, dat doe je de thuisblijvers niet aan.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *