MONOLOOG UIT TONEELSTUK: NADER TOT JOU

Geplaatst op 6 augustus 2019

Op 7 juni 2018 voerde de toneelgroep van Studievereniging Helios het toneelstuk ‘Nader tot jou’ op, dat ik heb geschreven. Het stuk gaat over twee heel verschillende schrijverskoppels: Gerard Reve en zijn Hanny Michaelis, en Heleen van Royen en haar man Ton.  Uit deze raamvertelling spraken verschillende thema’s: homoseksualiteit, keuzevrijheid, schrijverschap en relatieproblematiek.

Ik deel bij dezen graag een (deel van) een monoloog met jullie, gebracht door het personage Hanny.

Ik ontmoette hem bij mij op de uitgeverij, bij Meulenhoff toen ter tijds, waar ik als secretaresse werkte. Charmant leek Gerard me absoluut niet – we maakten een praatje, maar hij gedroeg zich tamelijk arrogant. Hij zei: “Ik publiceer bij de Bezige Bij, waar publiceer jij?” Nergens dus.

Uit de verte herkende ik hem al van het Vossius, waar hij als jongetje met een loden jas, een gezicht vol pukkels en een stuurse blik over de binnenplaats liep. Later vertelde hij me dat hij aangetrokken werd door mijn melancholische gezichtsuitdrukking. Ik viel voor zijn humor en knappe verschijning – de pukkels waren inmiddels wel weggetrokken. Of hij me nog steeds zo aantrekkelijk vindt, betwijfel ik soms weleens. Gerard is klinisch. We doen het wel, daar niet van, maar het gaat vaak niet van harte. ‘Maak het onderlijf maar bloot,’ zegt hij dan.

Misschien ben ik te naïef geweest, toen in ’47. Ik raakte te snel verslingerd aan Gerard en zijn rare trekjes: nooit had ik een man zo dichtbij laten komen. Ik was als de dood voor seks. Ik stond helemaal alleen – mijn ouders zijn vergast in de oorlog. Die van Gerard leefden nog, misschien dat die stabiliteit voor mij meespeelde.

Gerard is geen makkelijke man. Mijn moeder had hem kil en cynisch gevonden, dat weet ik wel zeker. Domme Hanny noemt hij me vaak. ‘Hanny wil liever dom blijven,’ zegt hij, als ik vertel over mijn poëzie, die hij bourgeois-gelul noemt. Een vrouwenbeul is hij niet, absoluut niet – de man heeft me nooit mentaal of fysiek pijn willen doen. Het gaat mij om die eeuwige teleurstelling: Gerard heeft mijn optimisme kapot gemaakt.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *